
contraproliferatie
Een veelvoud aan dreigingen die met elkaar samenhangen
- Samen met de Duitse inlichtingendienst BND hebben de AIVD en MIVD in 2025 naar buiten gebracht dat Rusland het gebruik van chemische wapens in Oekraïne heeft geïntensiveerd.
- In de Twaalfdaagse oorlog is aanzienlijke schade toegebracht aan het Iraanse nucleaire en raketprogramma.
- De AIVD en MIVD hebben een aantal ongewenste verwervingspogingen verstoord. Daarmee is voorkomen dat apparatuur terecht is gekomen bij programma’s voor de ontwikkeling van massavernietigingswapens in enkele landen van zorg.
De ontwikkeling, productie en verspreiding van massavernietigingswapens en overbrengingsmiddelen (meestal ballistische raketten) wordt wereldwijd beschouwd als een reëel gevaar voor de internationale veiligheid. De AIVD en de MIVD doen in gezamenlijkheid onderzoek naar landen die (mogelijk) massavernietigingswapens ontwikkelen. De diensten informeren de Nederlandse regering over relevante ontwikkelingen in deze zogeheten landen van zorg. De diensten hebben in 2025 onderzoek gedaan naar de activiteiten van onder meer Iran, Rusland en Noord-Korea. Ook spannen de AIVD en MIVD zich in om te voorkomen dat Nederlandse bedrijven (onbedoeld) bijdragen aan de proliferatie van massavernietigingswapens.
Iran
In juni 2025 voerden Israël en de Verenigde Staten aanvallen uit op de nucleaire en raketfaciliteiten van Iran, met als doel het Iraanse nucleaire programma te verzwakken. Die aanvallen zijn bekend geworden onder de naam ‘de Twaalfdaagse oorlog’. Beide landen wilden Iran de capaciteiten ontnemen om een kernwapen te kunnen ontwikkelen.
Om een kernwapen te ontwikkelen, moet een land beschikken over voldoende hoogverrijkt uranium, evenals over de politieke wil en technische capaciteiten om hier daadwerkelijk een wapen van te maken. Ten tijde van de Twaalfdaagse oorlog kon Iran in zeer korte tijd beschikken over voldoende hoogverrijkt uranium om enkele kernwapens te maken. De AIVD en MIVD hadden geen aanwijzingen dat Iran ook die andere noodzakelijke stappen zette om een kernwapen te maken.
In de Twaalfdaagse oorlog werden belangrijke Iraanse kopstukken van zowel de nucleaire als raketprogramma’s uitgeschakeld. Hoewel er verschillende claims circuleren over de precieze omvang van de schade, is het duidelijk dat deze aanzienlijk is. Iran reageerde met meerdere raketaanvallen op Israël, waarbij het honderden ballistische raketten lanceerde. Iran zal veel tijd en middelen moeten investeren voordat het nucleaire programma weer op het niveau van voor de aanvallen staat. Ook aan het ballistische raketprogramma is aanzienlijke schade toegebracht. Iran zet grote stappen om de toegebrachte schade te herstellen. Hiertoe probeert Iran materialen en apparatuur te verkrijgen uit andere landen. Zelf levert Iran ook materieel aan andere landen. In 2025 heeft Iran wederom korteafstandsraketten geleverd aan Rusland. De diensten vermoeden dat Rusland die raketten wil inzetten in Oekraïne.
De Verenigde Naties hebben Iran het recht op uraniumverrijking ontzegd, omdat Iran zich niet hield aan het nucleaire akkoord uit 2015. Iran blijft echter vasthouden aan zijn recht op een civiel nucleair programma en ziet uraniumverrijking als een onbetwistbaar onderdeel daarvan. Volgens een ander internationaal verdrag, het Non-proliferatieverdrag (NPV), is Iran verplicht om de uraniumvoorraden en verrijkingsinstallaties aan het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) te tonen. Dat is sinds de aanvallen in juni 2025 niet meer gebeurd. Binnen deze internationale verbanden wordt Iran gesteund door Rusland en China. De samenwerking tussen deze landen is de laatste jaren versterkt.
Rusland
De AIVD en MIVD hebben in juli 2025 samen met de Duitse inlichtingendienst BND naar buiten gebracht dat Rusland het gebruik van chemische wapens in Oekraïne heeft geïntensiveerd. Uit onderzoek van de diensten is gebleken dat Rusland in 2025 is doorgegaan met de inzet van chemische wapens in deze oorlog. De diensten beschouwen de inzet van chloorpicrine als bevestigd. Daarmee laat Rusland een escalatie zien in de bereidheid tot inzet van chemische wapens.
Chloorpicrine heeft een vergelijkbaar effect als traangas, maar dan sterker. Volgens het Verdrag Chemische Wapens, waar Rusland bij is aangesloten, mogen deze middelen nooit worden ingezet in een militair conflict. Daarnaast blijft Rusland investeren in chemische en biologische wapenprogramma’s.
Noord-Korea
Noord-Korea heeft in 2025 verder ingezet op de uitbreiding van het nucleaire arsenaal. Nadat het land in 2024 foto’s toonde van bekende uraniumverrijkingshallen, bouwde het in 2025 aan een nieuwe faciliteit die veel wegheeft van de bestaande hallen voor deze verrijking. Daarnaast ging Noord-Korea door met de ontwikkeling van nieuwe intercontinentale ballistische raketten, zoals de nieuwe Hwasong-20. Deze is door Noord- Korea gepresenteerd als het krachtigste nucleaire strategische wapensysteem ter wereld. Ook blijft het land werken aan de ontwikkeling van hypersonische glijvoertuigen: raketkoppen die bij terugkeer in de atmosfeer op zeer hoge snelheid manoeuvres kunnen uitvoeren.
Noord-Korea toonde zich in 2025 prominent aanwezig op het mondiale toneel. Zo liepen Noord-Koreaanse troepen mee in een militaire parade in Moskou. Kim Jong-un bezocht zelf Beijing om een parade bij te wonen. Op de achtergrond blijft Noord-Korea de samenwerking met Rusland intensiveren, om de eigen Noord-Koreaanse wapenindustrie te moderniseren. Ook blijft het korteafstandsraketten leveren die Rusland gebruikt om doelen aan te vallen in Oekraïne.
Ongewenste verwerving
Landen zoals Iran, Rusland en Noord-Korea zijn voor de (door)ontwikkeling en productie van hun massavernietigingswapens voor een deel afhankelijk van kennis en goederen uit het Westen. Daarom doen de AIVD en MIVD onderzoek naar verwerving van kennis en goederen uit bijvoorbeeld Nederland, die deze landen kunnen gebruiken voor hun programma’s waarin ze massavernietigingswapens maken. Gezien de huidige geopolitieke situatie heeft het onderzoek naar Iraanse en Russische verwerving de prioriteit.
Ook in 2025 hebben Rusland en Iran hun activiteiten voortgezet om in Nederland en Europa strategische goederen te verwerven. Als gevolg van het opleggen en uitbreiden van internationale sancties tegen Rusland en Iran, zijn handelsnetwerken verschoven. Daardoor worden nu ook omleidingsroutes gebruikt, bijvoorbeeld via de Verenigde Arabische Emiraten, Turkije, Kazachstan en China. Daarnaast signaleren de AIVD en MIVD dat landen als Rusland, Iran, China en Noord-Korea steeds intensiever onderling samenwerken bij de verwerving van goederen en kennis die kunnen worden gebruikt bij de vervaardiging en verdere ontwikkeling van massavernietigingswapens.
Wanneer bedrijven gevoelige goederen, kennis of technologie leveren aan het buitenland, bestaat dus het risico dat zij direct of indirect bijdragen aan programma’s die gericht zijn op de ontwikkeling van massavernietigingswapens en bijbehorende overbrengingsmiddelen. Voor de meeste bedrijven is dit risico vooral zichtbaar als zij een aanvraag krijgen uit een risicoland. Het risico is minder duidelijk als de gevraagde levering loopt via bijvoorbeeld een van bovengenoemde omleidingslanden.
De AIVD en de MIVD zien dat zowel grote als MKB-bedrijven worden benaderd door statelijke actoren die hun goederen, kennis en technologie willen gebruiken voor massavernietigingswapens en bijbehorende overbrengingsmiddelen. Ongewenste kennis- en technologieoverdracht heeft niet alleen gevolgen voor individuele ondernemingen, bijvoorbeeld in de vorm van negatieve publiciteit wanneer deze levering aan het licht komt. Het vormt bovenal een bedreiging voor de nationale en internationale veiligheid.
In 2025 hebben de AIVD en MIVD een aantal keer voorkomen dat bepaalde apparatuur landen van zorg bereikte. Dit betrof apparatuur waarmee deze landen technisch onderzoek kunnen doen dat betrekking heeft op massavernietigingswapens. De AIVD en MIVD werken hierbij samen met veel verschillende organisaties in binnen- en buitenland, zoals douaneorganisaties en inlichtingendiensten.
Lees meer over contraprofileratie.