Wat houdt de verklaring van geen bezwaar (VGB) in?

Is na het veiligheidsonderzoek vastgesteld dat er voldoende waarborgen zijn dat de werknemer onder alle omstandigheden de vertrouwensfunctie naar eer en geweten kan vervullen, dan volgt afgifte van de VGB.

Soms zijn er onvoldoende waarborgen, bijvoorbeeld door verblijf in het buitenland. In dit geval volgt er een negatief besluit en ontvangt de werknemer een voornemen tot weigering. Weigeringsgronden kunnen zijn:

  • er zijn negatieve gegevens bekend (veelal justitiële antecedenten of informatie uit het eigen AIVD- systeem);
  • er zijn onvoldoende gegevens bekend (wanneer bijvoorbeeld is verbleven in een land waar de AIVD geen samenwerkingsrelatie heeft);
  • persoonlijke gedragingen en omstandigheden.

U wordt als werkgever geïnformeerd over het al dan niet afgeven van een VGB. Bij een weigering hoort u alleen dat er nadelige of onvoldoende gegevens zijn om een verklaring van geen bezwaar af te geven. U krijgt geen inzicht in het achterliggende onderzoek.  

Wanneer informatie van een derde partij noodzakelijk is, dan kan het onderzoek langer duren dan de wettelijke termijn van acht weken.

Wanneer wordt een hernieuwd veiligheidsonderzoek ingesteld?

Een VGB heeft wettelijk gezien geen vervaldatum (mits de werknemer in dezelfde vertrouwensfunctie blijft werken). De mogelijkheid bestaat om elke vijf jaar of een veelvoud daarvan opnieuw een veiligheidsonderzoek uit te laten voeren. Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever om dit regulier hernieuwd onderzoek aan te vragen. Bij een regulier hernieuwd veiligheidsonderzoek wordt het volledige onderzoek herhaald en moet toestemming gegeven worden door de werknemer.

Als bij u binnen deze periode van vijf jaar nieuwe feiten en omstandigheden over een vertrouwensfunctionaris bekend worden, kunt u overwegen om een hernieuwd onderzoek aan te vragen. Mogelijke nieuwe feiten en omstandigheden waardoor de functionaris kwetsbaar kan worden bij het uitoefenen van een vertrouwensfunctie: een nieuwe partner, loonbeslag of een verslaving. Bij een hernieuwd onderzoek wordt in eerste instantie alleen gekeken naar de aangeleverde nieuwe feiten en omstandigheden, de werknemer hoeft niet opnieuw een OPG-formulier in te vullen.