Om dreigingen voor de veiligheid van Nederland vroegtijdig te kunnen zien, kan het nodig zijn om samen te werken en gegevens uit te wisselen met andere landen, met buitenlandse collega-diensten.
Samenwerkingscriteria in de Wiv
De AIVD gaat echter niet zomaar een samenwerkingsverband aan met een andere dienst. In de Wet op inlichtingen- en veiligheidsdiensten zijn hiervoor voorwaarden opgenomen.
Bij het bepalen van of en zo ja, hoeveel met een collega-dienst kan worden samengewerkt gaan wij uit van de volgende samenwerkingscriteria:
- de democratische inbedding van een dienst: wat is zijn wettelijke basis en hoe is de (parlementaire) controle in het land geregeld?
- de mensenrechtensituatie in een land: zijn er internationale mensenrechtenverdragen getekend en houdt het land – bijvoorbeeld op het gebied van persvrijheid – zich hieraan?
- professionaliteit en betrouwbaarheid: kunnen we erop vertrouwen dat een dienst professioneel omgaat met informatie? Deze afweging maken we op basis van eerdere ervaringen van onszelf en die van andere diensten
- wettelijke bevoegdheden en mogelijkheden: wat kan en mag de dienst van een land doen in vergelijking met de AIVD
- niveau van gegevensbescherming: hoe gaat de dienst om met het opslaan en vernietigen van verzamelde gegevens?
Controle op internationale samenwerking
Het werk van de AIVD, waar ook de samenwerking met collega-diensten deel van uitmaakt, wordt gecontroleerd door de onafhankelijk opererende Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD). De CTIVD heeft meerdere rapporten geschreven over de samenwerking met buitenlandse diensten.