Om goed zicht te krijgen op onzichtbare dreiging, voorziet de Wiv 2017 de AIVD van bevoegdheden die inbreuk kunnen maken op de persoonlijke levenssfeer van mensen. Zulke ingrijpende middelen vragen om grote (politieke) verantwoordelijkheid en stevige waarborgen in de vorm van toetsing, toezicht en controle.

Parlementaire controle

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is politiek verantwoordelijk voor het functioneren en de taakuitoefening van de AIVD.

Het parlementaire toezicht op de AIVD vindt zoveel mogelijk plaats in de openbaarheid. Dat gebeurt dan aan de Kamer als geheel of in de vaste Kamercommissie BZK. Hierin worden bijvoorbeeld besproken de openbare:

Controle op geheime informatie

Omdat de AIVD vaak vertrouwelijke informatie verwerkt die niet in het openbaar gedeeld kan worden, moet de Kamer ook vertrouwelijk kunnen worden geïnformeerd. De Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CIVD) biedt de mogelijkheid om toch in het parlement verantwoording af te leggen.

In de CIVD zitten de fractievoorzitters van de 5 grootste fracties in de Tweede Kamer bij de laatste verkiezingen. De commissie kan er zelf voor kiezen om nog 2 fracties toe te voegen, om bijvoorbeeld meer evenwicht tussen coalitie- en oppositiepartijen te verkijgen. De fractievoorzitter van de grootste partij is voorzitter van de commissie. De leden van de CIVD zijn, net als parlementsleden, niet gescreend. Zij hebben wel een wettelijke geheimhoudingsplicht.

De CIVD bespreekt met elkaar operationele informatie en bijvoorbeeld geheime delen bij de rapporten van de CTIVD of uitvloeisels van de Geïntegreerde Aanwijzing.

Wanneer de CIVD vergadert en wat de commissie bespreekt, is geheim. De stukken zijn ook alleen ter inzage van de leden, zij mogen deze niet meenemen en geen aantekeningen maken. Verder kunnen zij ook niet over de inhoud spreken met fractiegenoten.

De CIVD brengt jaarlijks een jaarverslag uit, waarin zij terugblikkend rapporteert hoe vaak de CIVD bij elkaar is geweest en, in globale termen, wat de gespreksonderwerpen zijn geweest.

Toetsing vooraf op inzet bevoegdheden

Bij de uitvoering van ons werk zijn er verschillende (onafhankelijke) instanties die de inzet van (bijzondere) bevoegdheden op meerdere moment toetsen en controleren.

Voordat de AIVD bijvoorbeeld een persoon mag afluisteren, moeten wij toestemming vragen aan de minister. Wanneer zij akkoord gaat met de inzet, legt zij deze nog voor aan de Toetsingscommissie Inzet Bevoegdheden (TIB). De TIB is een onafhankelijke commissie die beoordeelt of de toestemming rechtmatig is. Hiermee voldoet de Wiv 2017 aan het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Als de TIB oordeelt dat de toestemming terecht is afgegeven, dan mogen wij de bevoegdheid inzetten. Als zij besluit dat de toestemming niet rechtmatig is, dan gaat de inzet niet door. De minister kan dan wel nogmaals met een beter onderbouwde aanvraag komen.

De TIB brengt ieder jaar een jaarverslag uit waarin zij verantwoording aflegt over haar werkzaamheden.

Toetsing tijdens en na afloop van inzet bevoegdheden

De Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten houdt toezicht tijdens en na afloop van de inzet van bevoegdheden of op andere werkzaamheden van de AIVD. Zij controleert of wij de Wiv en de Wet veiligheidsonderzoeken (Wvo) rechtmatig uitvoeren en rapporteert daarover zoveel mogelijk in het openbaar.

De CTIVD heeft het recht om iedereen die betrokken is bij de uitvoering van de Wiv 2017 en de Wvo om informatie te vragen, dus ook de minister en de directeur-generaal van de dienst. Iedereen is verplicht om mee te werken aan deze onderzoeken. Ook krijgt de CTIVD inzage in al onze systemen.

De CTIVD kan de minister gevraagd en ongevraagd advies geven over haar bevindingen. De CTIVD heeft ook een aparte afdeling Klachtbehandeling.

Controle door een rechter

Diverse aspecten van het werk van de AIVD kunnen ook worden onderworpen aan rechterlijke controle. Zo kan de bestuursrechter in beeld komen als mensen een aanvraag tot kennisneming van gegevens hebben ingediend en niet tevreden zijn met het besluit daarbij. Hetzelfde geldt voor personen die het niet eens zijn met de uitkomsten van een veiligheidsonderzoek.

Als een burger vindt dat wij onrechtmatig hebben opgetreden tegen hem, dan kan deze de gang maken naar de civiele rechter.

Ook de strafrechter kan controle uitoefenen op het werk van de AIVD. Dit is bijvoorbeeld het geval als de rechter in een strafzaak waarbij informatie van de AIVD een rol speelt, een getuigenverklaring wil van een medewerker.

Controle op financiƫle huishouding

Net als bij andere overheidsinstellingen, houdt de Algemene Rekenkamer controle op de doelmatigheid van de financiën en het materieelbeheer van de AIVD. Dit geldt ook voor de uitgaven in de geheime begroting.