Bij de aanwijzing van vertrouwensfuncties in de burgerluchtvaart wordt het kader primair bepaald door de standaard uit de EU Verordening 2015/1998, die Europese lidstaten moeten implementeren om de burgerluchtvaart te beveiligen tegen aanslagen en andere terreurdaden.
De vertrouwensfuncties in de burgerluchtvaart zijn aangewezen bij het besluit van 30 oktober 2025. De minister van Justitie en Veiligheid is de verantwoordelijke vakminister. Deze vakminister heeft de feitelijke uitvoering van taken en verantwoordelijkheden belegd bij de NCTV, die ook verantwoordelijk is voor de compliance van Nederland aan de Europese uitvoeringsverordening.
Het besluit ‘Aanwijzing achtergrondonderzoeken Beveiliging Burgerluchtvaart 2025’ dient elke vijf jaar te worden geëvalueerd. Deze evaluatie kan tevens eerder plaatsvinden indien dit noodzakelijk is als gevolg van wijzigingen in wet- en regelgeving of andere relevante gebeurtenissen, zoals de opening of sluiting van een luchthaven.
Het besluit ‘Aanwijzing achtergrondonderzoeken Beveiliging Burgerluchtvaart 2025’ is opgedeeld in drie bijlagen:
- De eerste bijlage beschrijft de aanwijzing van vertrouwensfuncties bij Nederlandse luchthavens en Nederlandse luchtvaartmaatschappijen;
- De tweede bijlage beschrijft de aanwijzing van vertrouwensfuncties binnen de vracht- en toeleveringsketen;
- De derde bijlage beschrijft de aanwijzing van de vertrouwensfunctie instructeurs beveiliging burgerluchtvaart.
De werkgever ontvangt de relevante bijlage(n) van de NCTV. In deze bijlage(n) wordt voor alle vertrouwensfuncties inhoudelijk onderbouwd waarom deze zijn aangewezen.
Kijk voor meer informatie op de pagina over veiligheidsonderzoeken in de burgerluchtvaart.