Spionage en ongewenste buitenlandse inmenging

Als andere landen in het geheim informatie verzamelen in en over Nederland en daarmee onze belangen schaden, beschouwt de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) dit als spionage.

Andere landen, zogenoemde statelijke actoren, zijn geïnteresseerd in verschillende soorten informatie. Via spionage proberen zij zowel politieke informatie over regeringsstandpunten en besluitvorming als economische informatie te verkrijgen.

Naast spionage voeren statelijke actoren heimelijke en ongewenste activiteiten uit met als doel invloed uit te oefenen op bestuurlijk-politieke processen in ons land. Zo kan er sprake zijn van heimelijke politieke beïnvloeding, beïnvloeding en intimidatie van geëmigreerde (ex-)landgenoten (diaspora), sabotage en misbruik van de Nederlandse ICT-infrastructuur. Deze activiteiten schaart de AIVD onder ongewenste buitenlandse inmenging.

De AIVD spreekt van heimelijke politieke beïnvloeding als een land zich rechtstreeks, op heimelijke wijze, bemoeit met de politieke gang van zaken in Nederland.

Heimelijke beïnvloeding kan ook gericht zijn op het manipuleren van de publieke beeldvorming, bijvoorbeeld door het verspreiden van desinformatie. Inlichtingendiensten spelen veelal een rol bij heimelijke beïnvloedingsoperaties.

De technologische ontwikkelingen van de afgelopen jaren bieden statelijke actoren nieuwe mogelijkheden voor grootschalige spionage door cyberaanvallen en voor ongewenste buitenlandse inmenging via sociale media.

Schaduwen op de stoep
©iStockphoto

Spionage

Spionage richt zich op zowel politieke als economische informatie. Het onderzoek van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst heeft als doel de nationale veiligheid te beschermen door spionageactiviteiten tijdig te ontdekken en mensen en instanties bewuster te maken van het gevaar van spionage.

Uit onderzoek blijkt dat steeds meer landen politiek en/of economisch spioneren.

De AIVD heeft in 2019 onderzoek gedaan naar de intenties, capaciteiten en/of activiteiten van een aantal statelijke actoren met een offensief cyberprogramma, waarvan bekend is dat deze ook gericht zijn tegen de Nederlandse nationale veiligheid en democratische rechtsorde en andere Nederlandse belangen.

De AIVD spreekt van een offensief cyberprogramma als staten langdurig investeren in capaciteiten om digitale spionage, maar ook ongewenste beïnvloeding en sabotage, mogelijk te maken om zo hun eigen politieke, militaire, economische en/of ideologische doelen te bereiken.

Politieke spionage

Statelijke actoren proberen onder andere binnen te komen bij ministeries, inlichtingen- en veiligheidsdiensten, politieke partijen en cultureel-maatschappelijke organisaties.

De door politieke spionage verkregen inlichtingen dienen als voorkennis voor staten om voorbereid te zijn op politieke of maatschappelijke ontwikkelingen. De inlichtingen kunnen ook worden ingezet om besluitvorming en mogelijk verkiezingen te beïnvloeden of om grip te krijgen op de diaspora.

Het strategisch belang van de Nederlandse politiek en rechtspraak is bovendien voor Rusland sterk toegenomen sinds het neerhalen van vlucht MH17 in juli 2014.

Zo verzamelt Rusland inlichtingen die gebruikt kunnen worden om de eenheid en de internationale samenwerking (Noord-Atlantische Verdragsorganisatie en Europese Unie) in het Westen te ondermijnen en hierdoor de eigen geopolitieke invloed te vergroten.

Deze inlichtingen kunnen worden ingezet om besluitvorming te beïnvloeden en landen tegen elkaar uit te spelen. Het afgelopen jaar was Nederland opnieuw een interessant spionagedoelwit voor Rusland.

Politieke spionage vindt plaats met klassieke en digitale middelen. Ondanks investeringen in de digitale weerbaarheid van publieke instellingen blijven statelijke actoren, zoals Russische, Iraanse en Chinese, zeer succesvol in het compromitteren van (overheids)systemen binnen en buiten Nederland.

In 2019 bracht de AIVD de publicatie 'Offensief cyberprogramma. Een ideaal businessmodel voor staten' uit. Deze benadrukt risico's voor het cyberdomein.

Economische spionage

De Nederlandse economie is hoogontwikkeld, innovatief en internationaal georiënteerd. Daardoor is deze een doelwit van economische spionage.

De grootste dreiging op het vlak van economische spionage vormt China, waarbij specifiek de cyberactiviteiten in het oog springen. Uit onderzoek blijkt dat meerdere Nederlandse topsectoren doelwit zijn (geweest) van digitale spionage. De Chinese interesse richt zich op hoogwaardige Nederlandse technologie in verschillende sectoren.

Een groot deel van de (digitale) spionageactiviteiten van China is gericht op het verbeteren van de eigen economische ontwikkeling. Het Chinese economisch beleid is primair gericht op overgang van een productie-economie naar een kenniseconomie die grotendeels onafhankelijk is van buitenlandse technologie.

Om deze modernisering en onafhankelijkheid te realiseren, investeert China in strategische meerjarenplannen (Made in China 2025) en het Belt & Road Initiative (BRI), de Nieuwe Zijderoute, die, zowel over zee als over land, loopt van China via Zuid(oost)-Azië naar Afrika en (West-)Europa. Onderzoek wijst uit dat landen langs deze nieuwe route geregeld doelwit zijn van digitale spionage.

Chinese beleidsplannen geven focus aan de spionagecampagnes die vooral gericht zijn op het verkrijgen van hoogwaardige kennis en technologie. De Nederlandse topsectoren lopen dus een verhoogd risico op Chinese (digitale) spionage.

De AIVD verwacht dat de economische en politieke invloed van China op korte en lange termijn groeit. Daarnaast verwacht de AIVD dat de forse Chinese investeringen in nieuwe opkomende technologieën zoals kunstmatige intelligentie, kwantumcomputing en 5G-communicatie ertoe leiden dat China hierin marktleider kan worden.

Het risico bestaat dat China door deze technische dominantie de technologische standaarden voor de toekomst bepaalt, en daarmee afhankelijkheid van Chinese technologie creëert voor de rest van de wereld. Deze potentiële afhankelijkheid maakt het Nederlandse bedrijfsleven op termijn nog kwetsbaarder voor (digitale) spionage en mogelijk ook voor sabotage.

Naast Chinese hebben ook Iraanse cyberactoren, zij het in beperkte mate, digitale economische spionageactiviteiten ondernomen tegen Nederlandse doelwitten. Tegen Iran zijn al enkele jaren internationale sancties van kracht. Deze sancties hebben een direct gevolg voor de Iraanse economie.

Als gevolg van deze sancties wordt het voor Iran ook lastiger om toegang te krijgen tot westerse hoogwaardige (technologische) kennis. Het Iraanse regime zoekt naar alternatieve methoden om deze kennis alsnog te bemachtigen en daardoor de Iraanse wetenschappelijke sector te versterken. Hiertoe hacken Iraanse cyberactoren onder andere wereldwijd denktanks, bedrijven en onderwijsinstellingen.

De globalisering zal Nederland in toenemende mate kwetsbaar maken voor (digitale) spionage. Vestigingen van Nederlandse bedrijven in het buitenland hebben vaak lokale werknemers in dienst met soms verregaande toegang tot bedrijfsinformatie waarop het toezicht niet altijd goed genoeg is.

Ook zijn delen van het productieproces dankzij globalisering versplinterd en verspreid over landsgrenzen heen, waarbij onvoldoende beveiligingsmaatregelen bij toeleveranciers nieuwe risico’s op (digitale) spionage opleveren.

Tot slot leiden buitenlandse investeringen en overnames in Nederland tot verlies van (gedeeltelijke) zeggenschap over vitale infrastructuren. Elektriciteit, toegang tot internet, drinkwater en betalingsverkeer zijn voorbeelden van vitale infrastructuur. Dit verlies van zeggenschap kan ook voor onwenselijke economische en politieke afhankelijkheden zorgen, naast spionage- en sabotagerisico's.

Sabotage en misbruik infrastructuur

De mogelijke digitale verstoring en sabotage van de vitale infrastructuur is een van de grootste cyberdreigingen voor Nederland en zijn bondgenoten. Meerdere staten hebben bewezen de capaciteiten en de bereidheid te hebben om digitale sabotage in te zetten om hun geopolitieke doelstellingen te bereiken.

Ook constateert de AIVD al langere tijd dat sommige van deze staten voorbereidingen treffen om digitale sabotage voor toekomstig gebruik mogelijk te maken. Deze voorbereidingen bestaan uit het zich innestelen in ICT-systemen van onder meer vitale infrastructuur.

Momenteel ontbreekt het staten aan de intentie om digitale sabotage tegen Nederland in te zetten. Deze intentie is echter veranderlijk en afhankelijk van geopolitieke ontwikkelingen.

De Nederlandse ICT-infrastructuur wordt ook door statelijke actoren misbruikt bij cyberaanvallen op andere landen. Nederland is aantrekkelijk voor cyberactoren, omdat onze digitale infrastructuur van hoge kwaliteit is en ICT-capaciteit relatief simpel kan worden gehuurd.

Misbruik van de Nederlandse ICT-infrastructuur door andere staten, waaronder China en Iran, kan het internationale imago van Nederland schaden, slecht zijn voor bondgenootschappelijke belangen en slecht zijn voor de integriteit van de Nederlandse ICT-infrastructuur.

Vogelnest met kievitsei van bovenaf gefotografeerd
©iStockphoto

Heimelijke politieke beïnvloeding

Het is volstrekt legitiem dat landen hun belangen behartigen in het buitenland. Maar als dit heimelijk gaat en/of onder valse voorwendselen gebeurt en verder gaat dan gebruikelijke diplomatie of politiek lobbywerk, spreekt de AIVD van heimelijke politieke beïnvloeding. Het verspreiden van desinformatie is een voorbeeld hiervan. Vaak spelen inlichtingendiensten een rol bij heimelijke beïnvloedingsoperaties.

Vooral Rusland doet aan heimelijke politieke beïnvloeding. De AIVD heeft in Nederland pogingen gezien van Russische inmenging. Zo is er sprake van voortdurende (online) beïnvloedingsactiviteiten op sociale media vanuit Rusland, waarbij de beïnvloeding van de beeldvorming ten aanzien van de toedracht van de ramp met vlucht MH17 een grote rol speelt.

Het land beschikt hiertoe over steeds meer geavanceerde technische capaciteiten en IT-systemen, maar maakt ook gebruik van individuen, die parallel aan hun eigen belang ook het belang van Rusland dienen. De impact op Nederland lijkt vooralsnog beperkt.

Beïnvloeding en intimidatie van diaspora

Diverse landen, waaronder Turkije, China en Iran, richten inlichtingen- en beïnvloedingsactiviteiten op hun diaspora. Ze verzamelen inlichtingen over tegenstanders van hun regime.

Ook in Nederland schrikken ze er niet voor terug om leden van de diasporagemeenschap te mobiliseren om tegenstanders en critici binnen deze gemeenschappen te identificeren en de mond te snoeren. Dit kan leiden tot spanningen binnen deze gemeenschappen.

De druk die uitgaat van deze inlichtingen- en beïnvloedingsactiviteiten kan ertoe leiden dat leden van de gemeenschap niet kritisch durven zijn en beperkt worden in hun vrijheid van meningsuiting.

Leden van buitenlandse diaspora in Nederland willen veelal de toegang tot het land van herkomst behouden, omdat ze daar nog familie en/of bezittingen hebben en zich verbonden voelen met de cultuur en religie. Sommige landen schuwen zelfs geweld tegen opposanten in het buitenland niet.

Activiteiten en resultaten

Vanuit onderzoeken heeft de AIVD de risico's van spionage en buitenlandse inmenging voor Nederland en voor bedrijven kunnen duiden. Daarvoor heeft de AIVD diverse organisaties en bedrijven bezocht, zijn (bewustwordings-) presentaties gegeven en werden overheidspartners zoals de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en verscheidene ministeries en provincies en grote steden geïnformeerd over zowel voorstelbare als concrete dreigingen met betrekking tot spionage.

Bij deze veiligheidsbevorderende activiteiten spelen de AIVD-accountmanagers bij de inlichtingendiensten (ID's) van de diverse politie-eenheden een steeds grotere rol.

De AIVD vindt het onwenselijk dat Nederland voor de uitwisseling van gevoelige informatie of voor vitale processen afhankelijk is van bedrijven uit landen die een offensief cyberprogramma tegen Nederlandse belangen uitvoeren.

De AIVD maakt aan betrokken partijen, zoals ministeries, duidelijk hoe de verhoudingen zijn tussen zulke bedrijven en hun overheid zodat zij de risico's kunnen afwegen. Het is belangrijk om te kijken naar mogelijkheden, intenties en belangen van de betrokken staten.

De AIVD heeft in 2019 9 ambtsberichten en 41 inlichtingenrapporten over spionage en ongewenste buitenlandse inmenging uitgebracht.

Ga terug naar de overzichtspagina van het AIVD-jaarverslag 2019.