De AIVD doet onderzoek naar verschillende vormen van extremisme, zoals links- en rechts-extremisme.

Gewelddadig en niet-gewelddadig extremisme

De AIVD beschouwt extremisme als:

Het actief nastreven en/of ondersteunen van diepingrijpende veranderingen in de samenleving die een gevaar kunnen opleveren voor (het voortbestaan van) de democratische rechtsorde, eventueel met het hanteren van ondemocratische methodes die afbreuk kunnen doen aan het functioneren van de democratische rechtsorde.

De gebruikte ondemocratische methodes kunnen zowel gewelddadig als niet-gewelddadig zijn.

Voorbeelden van niet-gewelddadige ondemocratische middelen zijn systematisch haatzaaien, verspreiden van angst, verspreiden van desinformatie, demoniseren en intimideren. Voorbeelden van gewelddadige methodes zijn geweldplegingen, mishandelingen of ernstiger vormen van geweld.

Activisme, extremisme en terrorisme

(Ultra)rechtse of (ultra)linkse partijen of organisaties die binnen de kaders van de democratische rechtsorde  opereren, vallen vanzelfsprekend niet onder de definitie van extremisme.

Ook doet de AIVD geen onderzoek naar activisme, omdat bij activisme geen ondemocratische doelen worden nagestreefd en ook geen ondemocratische methodes worden gebruikt. Activisme vindt plaats binnen de kaders van de democratische rechtsorde. Activisten die neigen te radicaliseren tot extremisten, kunnen wel in de aandacht van de AIVD komen.

Extremisme kan in zijn uiterste vorm tot terrorisme leiden, als maatschappij-ontwrichtende schade wordt aangericht en/of grote groepen mensen angst wordt aangejaagd.